Uit het Vlaamse onderzoek van Louis Lippens, Axana Dalle, Fanny D’hondt, Pieter-Paul Verhaeghe en Stijn Baert uit 2021 blijkt dat grotere organisaties minder bias laten zien en not-for-profits veel minder.
In totaal zijn er voor dit onderzoek 1.780 sollicitaties op 890 functies gedaan, waarbij onderscheid is gemaakt naar de organisatie-omvang en of het een profit of non-profit organisatie is. Onder die laatste vallen uiteraard ook (lokale) overheden.
Er is gebruik gemaakt van paired apply, dus in paartjes gesolliciteerd. Er zijn zowel mannen als vrouwen gebruikt, maar wel altijd in een paartje mannen of een paartje vrouwen om gender discriminatie uit te sluiten. Vervolgens is gesolliciteerd met gelijkwaardige cv’s. Tegen elke Vlaamse naam stond een cv met een naam uit Oost Europa, Turkije, Sub sahara Afrika en Maghreb (noord-west Afrika).
In het algemeen blijkt de gemiddelde etnische minderheid een 82,14% kans te hebben om uitgenodigd te worden t.o.v. de Vlaamse naam met hetzelfde cv. Er zijn ook grote verschillen tussen etnische groepen. Sub Sahara Afrikaanse namen ervaren de minste discriminatie met 92,03% kans om uitgenodigd te worden met hetzelfde cv, terwijl Oost Europese namen slechts 60% werden uitgenodigd voor een gesprek. Voor de onderzoekers was dit een opvallend feit dat Oost Europese namen inmiddels meer discriminatie ervaarde dan Afrikaanse namen, omdat dit in 2017 nog omgekeerd was.
Uit het onderzoek bleek dat grotere organisaties minder discrimineren. Bij elke verdubbeling van de organisatie omvang neemt de kans dat een etnische minderheid wordt uitgenodigd met 7,79% toe.
Ook blijken not-for-profit organisaties veel minder te discrimineren dan for profit organisaties. Etnische minderheden ervaren 56,67% minder discriminatie bij not-for-profit organisaties, inclusief de publieke sector. Dit wil dus niet zeggen dat er daar geen arbeidsmarktdiscriminatie is en zeker niet dat minderheden worden voorgetrokken, maar de discriminiatie is significant minder.