Verschillende etnische minderheden ervaren andere niveaus van discriminatie

Uit onderzoek van Lex Thijssen, Marcel Coenders & Bram Lancee van o.a. de Radboud Universiteit uit 2019 blijkt dat verschillende etnische minderheden verschillende mate van discriminatie ervaren op de Nederlandse arbeidsmarkt. Voor dit onderzoek zijn 4.211 sollicitaties gedaan op in totaal 10 verschillende beroepsgroepen, te weten kok, elektromonteur, loodgieter, timmerman, receptionist, verkoopmedewerker, kapper, administratief medewerker, softwareontwikkelaar en accountmanager. 

Er is gesolliciteerd met cv’s van mannen en vrouwen van, Nederlandse, westerse migratie, niet westerse migratie, Marokkaans-Nederlandse, Turks-Nederlandse, Pools-Nederlandse en Bulgaars-Nederlandse achtergronden.

Sollicitanten zonder migratieachtergrond hadden een 46% kans op een positieve reactie, mensen met een migratie herkomst slechts 35%. Het verschil van 11 procentpunten is statistisch significant. Ook westerse minderheden hebben last van discriminatie op de arbeidsmarkt in Nederland, maar die is wel lager dan niet-westerse minderheden. Westerse minderheden, hebben 38% kans uitgenodigd te worden, niet westerse minderheden 33%, tegen 46% voor autochtone Nederlanders.

Er is geen verschil gevonden tussen etnische discriminatie naar geslacht. Mannen en vrouwen van etnische minderheden ondervinden dezelfde mate van arbeidsmarkt discriminatie in dit onderzoek. Ook is er geen significant verschil gevonden in het niveau van discriminatie per beroep. De relatieve discriminatie is vergelijkbaar tussen koks, receptionisten, software ontwikkelaars, kappers, verkoop medewerkers, administratief medewerkers, account managers, elektromonteurs, loodgieters en timmerlieden.